Annunciatie-reduced

God zond de Engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria. Gabriël ging haar huis binnen en zei: ‘Wees gegroet Maria, vol van genade, de Heer zij met U.’ Ze schrok hevig bij het horen van zijn woorden en vroeg zich af wat die begroeting te betekenen had. Maar de engel zei tegen haar: ‘Wees niet bang Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen. Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd, en God de Heer zal hem de troon van zijn vader David geven. Maria zei: ‘De Heer wil ik dienen: mij geschiede naar uw woord.’ Daarna liet de engel haar weer alleen.